Koersfanaat | Crossen

Jawel, het kan op deze versie: veldrijden. Met dank aan een goeie database weliswaar. Maar hoe werkt het nu, want dat crossen is toch wel helemaal anders dan gewoon PCM spelen. Er is - zoals het hoort - geen gouden tactiek, maar mits enkele tips zal jouw renner al sneller voorin te vinden zijn. 

Het crossen is opgevat als een heuvelrit (in de meeste gevallen toch) met af en toe een kasseistrook. Het spreekt dus voor zich dat de stats Heuvel, Kassei, Sprint en Klimmen het belangrijkste zijn. Aangezien iedere rit maximaal 110 km is, is Uithouding van ondergeschikt belang. Ook recuperatie is niet nodig, omdat er nooit meer dan twee dagen na mekaar gereden wordt.

Wat zijn nu gelijkenissen met PCM? Wel, je hebt een vroege vlucht. Dit is zeer verraderlijk door de korte afstand. Vaak vertraagt het peloton enorm en wordt de kloof heel groot. In klassementscrossen zal Nys of Albert zijn team wel op kop zetten om te rijden, maar dat is soms te laat. Best neem je zelf het heft in handen én stuur je iemand mee in de vlucht. Die laat je daar dan 'aanhangen' zonder veel moeite te doen. Gebruik hiervoor geen superslechte renner, maar iemand met kwaliteit (rond de 71HEU is goed genoeg meestal). 
In voorbereidingscrossen koerst men NIET achter vluchters. Vergeet dit niet en val gewoon halfverwege koers aan met je kopman. Doe dat niet met het demarragesysteem, maar op bolletje 73. Hij zal snel de kloof dichtrijden, in een ronde of twee. Als alles goed gaat, reageert er geen enkele renner en rijd je solo naar winst, zeker als je een beetje een treffelijke kopman hebt.

Maar die klassementscrossen zijn natuurlijk het belangrijkste en daar lukt het niet om zo goedkoop te winnen. Het beste dat je doet is zelf het tempo de hele cross moordend hoog houden. Geen ontsnappingen waar je last van hebt en veel mindere goden die lossen. Dat laatste is cruciaal want zo kan je je makkelijk positioneren in de finale bij een Pauwels, Nys of Albert. Zo ben je zeker dat je zeker mee kan en er geen slechte crossers voor je rijden die de weg belemmeren (gebeurt vaak want op smalle paadjes).

Je kan natuurlijk niet wachten tot Nys zelf zijn ding gaat doen. Dan ben je gewoon gezien en heb je het vlaggen. Nee, probeer te anticiperen door de finale iets vroeger te openen (een voorlaatste ronde is zo perfect). Doe dit wederom gewoon door op bolletje een kloofje te slaan. Meestal krijg je dan al een seconde of dertig vooraleer de grote mannen je gaan terughalen. Dat gaat hen krachten kosten en je moet nu wel in staat zijn hun versnelling te volgen. 
Draai niet mee voorin als je weg bent, dat is zelfmoord. Volg hoe het moet - bolletje, demarreren, rustig positie houden - en wacht op je kans. Soms komt die er, soms niet. Heb je een goede spurter, dan hoef je niets te doen en het simpel af te maken. Heb je die niet, dan moet je nog ergens 'echt' wegrijden, niet op dat bolletje. Deze plek moet je zelf zoeken en varieert van parcours tot parcours. Daarom heb je ook al die rondjes gereden, je ziet waar je renner goed uit de verf kan komen. 

Eenmaal weg is er maar 1 weg meer: vooruit. Bolletje 85% zou moeten volstaan als je wat kwaliteit hebt en nog ietsje in de rode tank overhoudt bij je demarrage. 

Succes!