Dezwarte | Bergritten

 

Geplaatste Afbeelding




Dezwarte's klimtactiek | De beginfase

De selectie maakt in deze tactiek niet bijster veel uit. De enige vereiste die er is, is deze: Je moet beschikken over een klimmer die een klimstat heeft rond de 70 én een topklimmer. Een van de betere van het deelnemersveld met andere woorden, al is dit enkel noodzakelijk als je met minuten voorsprong wilt winnen. Eens je selectie gemaakt is kun je dus gaan spelen. Van bij de start is het noodzakelijk dat je je kopman beschermt met je op-één-na-slechtste renner/klimmer van je selectie. Met je slechtste ga je op tijd en stond drinken halen. Dit is in de veronderstelling dat er slechts één berg is in het parcours, de slotklim. Als het parcours meerdere beklimmingen bevat, stuur je best een mannetje mee vooruit. Iemand die eveneens rond de 70 klimmen heeft. Op tijd en stond ga je natuurlijk ook drinken halen, maar dat spreekt voor zich.

Dezwarte's klimtactiek | Het middenstuk

Hier wordt de basis gelegd voor de zege. Scenario 1 is dat de etappe maar één beklimming heeft, de slotklim dus (ongeacht of het aankomst boven is of niet). Vlak voor de beklimming zet je je renner met zijn klimstat rond de 70 (bij mij meestal De Clerq of De Weert) op 99% en bolletje. Een absolute noodzaak is dat hij tegen de voet van de klim aan de kop van het peloton zit en daar ligt te sleuren. Zijn rood gaat héél snel op gaan, waardoor de timing het belangrijkste én moeilijkste van deze tactiek is.

In scenario 2 liggen meerdere beklimmingen én een slotklim. Op de op-één-na-laatste beklimming van de dag kun je er vanuit gaan dat de andere ploegen halverwege de klim het heft in handen gaan nemen en daar moet jij op anticiperen, anders is je 'afstopper' dood en kan hij nooit meer op kop komen. Dus daarom is die man in de ontsnapping zo belangrijk. De voorsprong mag namelijk niet te groot worden, zodat je ontsnapte renner zich kan laten afzakken op de beklimming om dan op 99% bolletje aan het peloton te sleuren. Een meer spaarzame oplossing is om op die voorlaatste beklimming van aan de voet 99% bolletje te rijden (of 75%, tot als het erop lijkt dat de anderen erover komen) met je renner die je normaal mee zou sturen in de ontsnapping.

Dezwarte's klimtactiek | Het slot

De basis is gelegd, maar het afmaken is minstens even moeilijk. Op de slotklim zit je renner dus op de kop aan het sleuren, hét moment om te gaan met je kopman. MAAR, niet door middel van een demarrage, neen. 75 à 80% op bolletje (pas als het rood van de afstopper volledig op is!) en liefst nog beschermt door je tweede beste klimmer. Hij zal naar voor schieten en als hij zo goed als op kop komt, moet je desnoods even naar 85% gaan, omdat anders de tweede in de rij je renner zal volgen en dat is niet de bedoeling. Dus als het goed is, komt je renner los van het pak en dan kun je je eigen beklimming gaan rijden. Worst-case-scenario is dat de andere toppers de sprong kunnen maken, dan zit er tijdswinst hoogstwaarschijnlijk niet in. Dan moet je ten allentijde volgen, want eens er een gat is, kun je dat niet meer dichten. M.a.w. je mag gerust tot bolletje 90% gaan met je kopman. Maar als je geluk hebt, blijven de absolute favorieten lang in het peloton zitten, waardoor het gat niet meer gedicht kan worden. Je kopman zijn inspanningsbalk mag schommelen tussen de 75 en de 80%, hangt af van de afstand tot de eerste achtervolger, de duur van de klim en de (dag-)vorm van de renner. Als je ziet dat de laatste kilometer héél steil is, val je niet aan. Dan sprint je daar makkelijk een halve minuut bij elkaar, als je nog relatief fris zit. Is de laatste kilometer redelijk plat, ga je op een viertal kilometer demarreren op een vlakker stuk in de klim, waarna je je kopman op 99% bolletje zet. Je zult de tegenstand minuten aansmeren, dat is zeker!









Dezwarte © PCM Focus